SARO ontving op 18 juli 2025 een adviesvraag van het departement Omgeving (afdeling Beleidsontwikkeling en Juridische Ondersteuning) over de conceptnota van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (hierna: de conceptnota BRV).
Het departement Omgeving gaf op 19 september 2025 voor alle strategische adviesraden die om advies werden gevraagd, een toelichting over de conceptnota BRV.
SARO formuleert volgende strategische bemerkingen bij de conceptnota BRV:
SARO vindt het een goede zaak dat de formele procedure om tot een volwaardig BRV te komen, eindelijk is opgestart. Er wordt ondertussen al meer dan 10 jaar gewerkt aan een nieuw plan voor een betere ruimtelijke ordening in Vlaanderen, het eerste Groenboek voor het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen dateert al van 2012. Het is ook noodzakelijk dat het BRV op korte termijn wordt doorgevoerd. Het BRV is immers van groot strategisch belang voor Vlaanderen, zowel in ecologisch als economisch opzicht. Zonder een volwaardig BRV zullen verschillende maatschappelijke doelstellingen (bv. inzake openbaar vervoer, lokale voorzieningen, klimaatadaptatie,...) dode letter blijven.
De raad wijst op het moeizame verloop van het proces tot opmaak van het BRV in de afgelopen jaren. SARO vindt het positief dat met de conceptnota BRV een doorstart wordt genomen en verwacht dat het BRV nu effectief wordt doorgezet. De raad vraagt om een duidelijke timing voor de verdere processtappen en de voortgang hiervan goed te bewaken. Het is positief dat er verder wordt gebouwd op de bestaande visievorming. Daarbij is het essentieel dat voldoende rekening gehouden wordt met de opgedane ervaringen.
De raad wijst erop dat de dialoog omtrent het BRV ten volle moet gevoerd worden. SARO betreurt dat in dit vroege stadium geen bijkomende inspanningen worden geleverd om het brede publiek actief te informeren en te betrekken bij de procesopmaak van het BRV. De raad acht het wenselijk om in te zetten op de ontwikkeling van een overtuigend en publiek toegankelijk narratief voor het BRV.
De raad benadrukt het belang van een globale en geïntegreerde aanpak van het ruimtelijk beleid teneinde het diverse sectorale beleid ruimtelijk te integreren. Een consequente horizontale blik tijdens de opmaak van het BRV is daarbij essentieel.
De raad wijst op het belang van een robuuste governancestructuur om de diverse ruimtelijke uitdagingen en beleidsaspecten van het BRV in samenhang aan te pakken en zo de effectiviteit van het plan te waarborgen. De raad stelt vast dat een dergelijke governancestructuur in de conceptnota nog onvoldoende is uitgewerkt.
De raad formuleert een aantal inhoudelijke bemerkingen bij de conceptnota, namelijk met betrekking tot de maatschappelijk-ruimtelijke uitdagingen, de transformatieopgaves, het ruimtelijk kompas en de beleidkaders.