SARO ontving op 22 december 2025 een adviesvraag van Vlaams minister Jo Brouns over het voorontwerp besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 29 mei 2009 betreffende sommige aspecten van de planbatenheffing, en van het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2024 over het realisatiegericht instrumentarium, wat de bepaling van de eigenaarswaarde betreft.
Het briefadvies sluit expliciet aan bij de eerdere adviezen van SARO over het Instrumentendecreet en de bijhorende uitvoeringsbesluiten. In die adviezen wees de raad consequent op het belang van een billijk vergoedings- en compensatiemechanisme als essentiële randvoorwaarde voor de uitvoering van het ruimtelijk beleid en in het bijzonder voor de realisatie van de bouwshift. Tegelijk benadrukte SARO herhaaldelijk dat de financiële impact van de hervormde planschaderegeling een structurele beleidsvraag vormt, zowel voor de Vlaamse overheid als voor de lokale besturen die instaan voor de concrete uitvoering op het terrein.
Het briefadvies bouwt verder op deze standpunten en vertrekt vanuit dezelfde fundamentele aandachtspunten inzake rechtszekerheid, voorspelbaarheid, draagvlak en uitvoerbaarheid.
SARO formuleert met name strategische bemerkingen over de uitwerking van een duidelijk werkkader voor de landcommissies; het belang van een consistente en transparante beleidslijn in de tijd; en de samenhang met de bredere doelstellingen van het ruimtelijk beleid.