SARO ontving op 20 juni 2024 een vraag voor advies van Vlaams minister Lydia Peeters over het voorontwerp van besluit tot vaststelling van het hoofdwegennet en het dragende netwerk en van het waterwegennetwerk.
In zijn ambtshalve advies van 26 september 2018 over het voorontwerp van Decreet Basisbereikbaarheid wees de raad op de belangrijke link tussen ruimtelijke ordening en mobiliteit. SARO drong aan op een volwaardige afstemming tussen het mobiliteits- en ruimtelijk beleid. Beide zijn immers in sterke mate met elkaar verweven.
De raad merkt op dat het voorstel van wegencategorisering noch in het ontwerpbesluit, noch in de Nota aan de Vlaamse Regering wordt gemotiveerd. Het is onduidelijk in welke mate en op welke manier de voorgestelde categorisering uitgaat van een geïntegreerde benadering van mobiliteit én ruimtelijke ordening.
De raad vindt het geen goede zaak dat deze nieuwe weg- en waterwegencategorisering vooruitloopt op de uitrol van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (BRV). SARO vraagt de Vlaamse Regering nogmaals met aandrang om verder werk te maken van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen als volwaardige opvolger van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen.
Te allen tijde dient alvast gewaakt te worden over de afstemming met de doelstellingen uit de goedgekeurde Strategische visie van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen.
De raad betreurt tot slot dat voorliggend regelgevend kader – gezien de lange-termijnimpact ervan en het belang van verder stakeholdersoverleg – wordt voorgelegd door een Vlaamse Regering in lopende zaken. Gelet op bovenstaande elementen adviseert de raad de Vlaamse Regering om de wegencategorisering zoals ze nu voorligt niet goed te keuren.